WNT en bezoldiging RvC/RvT


WNT-maxima voor interne toezichthouders, 10% en 15%
Voor de leden van de RvT/RvC van WNT-instellingen geldt een bezoldigingsmaximum van 10% van het bezoldigingsmaximum van de organisatie. Voor de voorzitters van RvT/RvC is dit 15%. 
Als er geen sectorregeling van toepassing is, dan komt het bezoldigingsmaximum voor een RvT/RvC-lid uit op 10% van € 194.000 = € 19.400 (2019). Het bedrag is exclusief btw.
Dit bezoldigingsmaximum wordt ook toegepast voor niet-uitvoerende (toezichthoudende) bestuursfuncties.
Het maximum bedrag is op jaarbasis. Het individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum wordt naar rato verlaagd als de functie niet gedurende het gehele jaar is vervuld. Er is verder geen deeltijdfactor van toepassing. 

WNT-maxima voor toezichthouders zijn verhoogd in 2015
In de oorspronkelijke WNT (2013) waren maxima van 5% en 7,5% opgenomen. Voortschrijdend inzicht bij de wetgever in de werkelijke tijdsbesteding van interne toezichthouders heeft geleid tot de verhoging die in 2015 is doorgevoerd. 

De meeste sectoren hanteren lagere maxima
De verenigingen van toezichthouders in de grootste sectoren in de semi-publieke sector hebben naar aanleiding van de verhoging in 2015 eigen beleid vastgesteld. 
In de zorgsector geldt een adviesregeling van de vereniging van toezichthouders(NVTZ). Het advies honorering RvT gaat uit van een bezoldiging die niet hoger is dan dan 8% van het voor de instelling toepasselijke maximum voor een RvT-lid en 12% voor een voorzitter. 
De vereniging van toezichthouders in onderwijs en kinderopvang (VTOI) adviseert in een Handreiking honorering Raden van Toezicht  om de bezoldiging van de toezichthouders te baseren op de tijdsbesteding en het uurloon van de bestuurder.Uit recente jurisprudentie blijkt ook dat naast de WNT de handreiking zorgvuldig moet worden toegepast. In de betreffende uitspraak heeft de rechter een verhoging van de bezoldiging teruggedraaid.
In de woningcorporatiesector (VTW) geldt een beroepsregel, waarbij een maximum bezoldiging per klasse is vastgesteld. Deze komt voor de meeste corporaties iets onder 8% en 12% uit. 

Ontslagvergoedingen zijn niet verboden, maar wel ongebruikelijk
Ook voor toezichthouders geldt het in de wet (WNT artikel 2.10) vastgelegde wettelijk maximum voor een ontslagvergoeding, het honorarium over de voorafgaande 12 maanden met een maximum van 10 of 15% van € 75.000. 
Het toekennen van ontslagvergoedingen aan interne toezichthouders is in de praktijk zeer ongebruikelijk. 

Aandachtspunten bij de bezoldiging van toezichthouders
Bij het berekenen van de bezoldiging gelden dezelfde regels als voor andere topfunctionarissen, zie Wat is (geen) bezoldiging. Om de uitvoering eenvoudig te houden is het aan te bevelen om belastbare kostenvergoedingen, zoals een kilometervergoeding boven € 0,19  te vermijden en de premie voor de bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering onder te brengen in de werkkostenregeling. 

Wel of niet op de loonlijst maakt geen verschil voor toepassing WNT

Vanaf 1 januari 2017 hebben RvT/RvC-leden de keuze of zij al dan niet worden uitbetaald via de loonlijst van de organisatie (opting-in). Bij opting-in is er sprake van een fictieve dienstbetrekking. Voor de toepassing van de WNT maakt dit geen verschil. De bezoldiging (en de verschuldigde btw) wordt op dezelfde wijze berekend. Verdere informatie over opting-in en btw-berekening is te vinden op onze site www.BTWcommissaris.nl.